Vertaling van se déplacer

Inhoud:

Frans
Nederlands
se déplacer {ww.}
zich bewegen
zich verroeren
bewegen 
aller, aller en véhicule, se déplacer {ww.}
gaan 
varen 
rijden
karren
Je devrais y aller.
Ik moet gaan.
Je dois aller dormir.
Ik moet gaan slapen.
aller, se déplacer {ww.}
gaan 
zich begeven
verlopen
van stapel lopen
lopen 
On ferait mieux d'y aller.
We kunnen beter gaan.
Puis-je m'en aller maintenant ?
Mag ik nu gaan?


Gerelateerd aan se déplacer

aller - aller en véhicule