Vertaling van ski

Inhoud:

Frans
Nederlands
ski [m] (le ~) {zn.}
ski
J'aime le ski.
Ik ski graag.


Voorbeelden in zinsverband

Frans
Nederlands

J'aime le ski.

Ik ski graag.

Je veux acheter des chaussures de ski.

Ik wil skischoenen kopen.

Je veux acheter des chaussures de ski.

Ik wil skischoenen kopen.