Vertaling van tresse

Inhoud:

Frans
Nederlands
tresse [v] (la ~) {zn.}
staart  [m]
haarvlecht
natter, tisser, tresser {ww.}
vlechten

je tresse
il/elle tresse

ik vlecht
hij/zij/het vlecht
» meer vervoegingen van vlechten



Gerelateerd aan tresse

natter - tisser - tresser