Vertaling van vaisselle

Inhoud:

Frans
Nederlands
service [m] (le ~), vaisselle [v] (la ~) {zn.}
servies
serviesgoed
eetservies [o]


Voorbeelden in zinsverband

Frans
Nederlands

D'habitude je fais la vaisselle.

Gewoonlijk doe ik de afwas.

Je ferai la vaisselle puisque tu as fait la cuisine.

Omdat jij hebt gekookt, zal ik de afwas doen.

Je ferai la vaisselle puisque tu as fait la cuisine.

Omdat jij hebt gekookt, zal ik de afwas doen.


Gerelateerd aan vaisselle

service