Vertaling van letto
io ho letto
tu hai letto
lui/lei/Lei ha letto
ik heb gelezen
jij hebt gelezen
hij/zij/het heeft gelezen
» meer vervoegingen van lezen
Voorbeelden in zinsverband
Devo andare a letto.
Ik moet naar bed.
Dovreste andare a letto.
Ge zoudt beter slapen.
Ho letto il libro.
Ik heb het boek gelezen.
Mi piace dormire su un letto morbido.
Ik slaap graag in een zacht bed.
Ieri ho letto una storia veramente interessante.
Gisteren heb ik een erg interessant verhaal gelezen.
Alla sera vado a letto alle dieci.
's Avonds ga ik om tien uur naar bed.
Avete già letto il giornale di oggi?
Heb je de krant van vandaag al gelezen?
A che ora è abituata ad andare a letto?
Hoe laat gaat ge gewoonlijk gaan slapen?
Ho letto che il presidente del Brasile è una donna. Si chiama Dilma.
Ik las dat de president van Brazilië een vrouw is. Ze heet Dilma.