Vertaling van trovare

Inhoud:

Italiaans
Nederlands
trovare {ww.}
vinden 
aantreffen 
treffen 
bevinden 
Io non riesco a trovare Tim.
Ik kan Tim niet vinden.
Si può sempre trovare del tempo.
Men kan altijd wel tijd vinden.


Voorbeelden in zinsverband

Italiaans
Nederlands

Non posso trovare il mio orologio.

Ik kan mijn horloge niet vinden.

Non riesco a trovare i miei guanti.

Ik kan mijn handschoenen niet vinden.

Lo vado a trovare un giorno sì e uno no.

Ik bezoek hem om de twee dagen.

Non riesco a trovare Tom. È già andato via?

Ik kan Tom niet vinden. Is hij al weg?