Vertaling van gens

Inhoud:

Latijn
Nederlands
gens, natio {zn.}
volk 
natie  [v]
Gens una sumus
Wij zijn allen één volk
gens, genus, natio {zn.}
ras
familia, gens {zn.}
huis  [o]
familie  [v]
gezin  [o]
huisgezin [o]

Gerelateerd aan gens

natio - genus - familia