Vertaling van vivere

Inhoud:

Latijn
Nederlands
vivere {ww.}
leven 
Navigare necesse est, vivere non est necesse
Het is nodig te varen, niet te leven
Rogo vos, quis potest sine offula vivere?
Ik vraag jullie, wie kan zonder worstjes leven?

Voorbeelden in zinsverband

Latijn
Nederlands

Navigare necesse est, vivere non est necesse

Het is nodig te varen, niet te leven

Rogo vos, quis potest sine offula vivere?

Ik vraag jullie, wie kan zonder worstjes leven?

Mens sana non potest vivere in corpore sicco

Een gezonde geest kan niet leven in een droog lichaam

Audi, vide, tace, si tu vis vivere in pace

Hoor, zie en zwijg, als je in vrede wilt leven