Vertaling van waag

Inhoud:

Nederlands
Deens
gewaagdheid [v], risico, waag [v], waagstuk {zn.}
risiko
balans [v], weegschaal [m], waag [v] {zn.}
vægt
kans lopen, op het spel zetten, risico lopen, riskeren, wagen {ww.}
riskere
bestaan, durven, wagen {ww.}
vove
turde