Vertaling van afwegen

Inhoud:

Nederlands
Duits
afwegen, doseren {ww.}
abmessen
zumessen
dosieren

ik zal afwegen
jij zult afwegen
hij/zij/het zal afwegen

ich werde abmessen
du wirst abmessen
er/sie/es wird abmessen
» meer vervoegingen van abmessen

beschouwen, nagaan, overwegen, afwegen {ww.}
sich überlegen
betrachten
erwägen
berücksichtigen

ik zal afwegen
jij zult afwegen
hij/zij/het zal afwegen

ich werde betrachten
du wirst betrachten
er/sie/es wird betrachten
» meer vervoegingen van betrachten

het gewicht bepalen, wegen, afwegen {ww.}
abwägen
wiegen
wägen

ik zal afwegen
jij zult afwegen
hij/zij/het zal afwegen

ich werde abwägen
du wirst abwägen
er/sie/es wird abwägen
» meer vervoegingen van abwägen



Gerelateerd aan afwegen

doseren - beschouwen - nagaan - overwegen - het gewicht bepalen - wegen