Vertaling van gejaagd

Inhoud:

Nederlands
Duits
gejaagd, opgewonden {bn.}
erregt
aufgeregt
hitzig
druk, gejaagd, onrustig, rusteloos, woelig {bn.}
heftig
unruhig
haast hebben, jachten, jagen, zich haasten, zich voorthaasten {ww.}
sich beeilen
hasten

ik heb gejaagd
jij hebt gejaagd
hij/zij/het heeft gejaagd

ich bin gehastet
du bist gehastet
er/sie/es ist gehastet
» meer vervoegingen van hasten

jacht maken op, jagen, bejagen {ww.}
Jagd machen auf
nachjagen
jagen

ik heb gejaagd
jij hebt gejaagd
hij/zij/het heeft gejaagd

ich bin nachgejagt
du bist nachgejagt
er/sie/es ist nachgejagt
» meer vervoegingen van nachjagen