Vertaling van maat

Inhoud:

Nederlands
Duits
kameraad, kornuit, maat, makker {zn.}
Kamerad [m] (der ~)
Genosse [m] (der ~)
grootte, maat, mate {zn.}
Maß [o] (das ~)
gezel, maat, metgezel, partner, kameraad, kornuit, makker {zn.}
Genosse [m] (der ~)
Geselle [m] (der ~)
Gefährte [m] (der ~)


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Duits

Weet u uw maat?

Kennen Sie Ihre Konfektionsgröße?

Ik zoek een jas in mijn maat.

Ich suche einen Mantel in meiner Größe.

Deze schoen is een maat groter.

Dieser Schuh ist eine Nummer größer.


Gerelateerd aan maat

kameraad - kornuit - makker - grootte - mate - gezel - metgezel - partner