Vertaling van meer

Inhoud:

Nederlands
Duits
meer [o], plas [m], waterplas [m] {zn.}
See
Hoe diep is het meer?
Wie tief ist dieser See?
Hoe diep is het meer?
Wie tief ist der See?
meer {bw.}
mehr
langer, meer {bw.}
ferner
fürder
mehr
weiter
aanbinden, meren, onderbinden, tuigeren, vastbinden, vastleggen {ww.}
anschließen

ik meer

ich schließe an
» meer vervoegingen van anschließen



Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Duits

Hoe meer zielen, hoe meer vreugd.

Je mehr Leute, desto besser.

Eet meer groenten.

Iss mehr Gemüse.

Ik wil veel meer.

Ich will viel mehr.

Eet meer verse groenten.

Essen Sie mehr frisches Gemüse.

Europa heeft meer cultuur!

Europa hat mehr Kultur!

Ze heeft meer boeken.

Sie hat mehr Bücher.

Het Meer van Genève is het grootste meer van Zwitserland.

Der Genfersee ist der größte See der Schweiz.

Je kan niet meer lezen?

Sind Sie nicht mehr in der Lage zu lesen?

Ik ben niet meer bang.

Ich habe keine Angst mehr.

Er is geen zout meer.

Es ist kein Salz mehr da.

Je moet meer vezels eten.

Sie müssen mehr Ballaststoffe essen.

Hij kan niet meer lopen.

Er kann nicht mehr laufen.

We hebben geen brood meer.

Wir haben kein Brot mehr.

Ze is niet meer alleen.

Sie ist nicht mehr allein.

We hebben geen thee meer.

Uns ist der Tee ausgegangen.


Gerelateerd aan meer

plas - waterplas - langer - aanbinden - meren - onderbinden - tuigeren - vastbinden - vastleggen