Vertaling van toevalligheid

Inhoud:

Nederlands
Duits
toevalligheid [v], toeval {zn.}
Schicksal [o] (das ~)
Glücksspiel [o] (das ~)
Koinzidenz [v] (die ~)
Zufall [m] (der ~)


Gerelateerd aan toevalligheid

toeval