Vertaling van waarmee
Inhoud:
Nederlands
Duits
waardoor, waarmee {zn.}
womit
wodurch
wodurch
Waarmee hebt ge het geopend?
Womit haben Sie es aufgemacht?
met wat, waarmee {zn.}
womit
Voorbeelden in zinsverband
Nederlands
Duits
Waarmee hebt ge het geopend?
Womit haben Sie es aufgemacht?
Ana had geen vrienden waarmee ze kon spelen.
Anna hatte keine Freunde, mit denen sie spielen konnte.