Vertaling van wandeling
Inhoud:
Nederlands
Duits
wandeling , tippel, wandelen {zn.}
Spaziergang
Hoe was je wandeling?
Wie war dein Spaziergang?
Vroeg in de morgen heb ik een wandeling gedaan.
Frühmorgens habe ich einen Spaziergang gemacht.
wandeling {zn.}
Spaziergang
Wat vind je ervan om een wandeling te maken in het park?
Was sagst du zu einem Spaziergang im Park?