Vertaling van aanmeren

Inhoud:

Nederlands
Engels
aanmeren, afmeren
berth
afmeren, aanmeren, meren, aanleggen {ww.}
to moor

ik zal aanmeren
jij zult aanmeren
hij/zij/het zal aanmeren

I will moor
you will moor
he/she/it will moor
» meer vervoegingen van to moor


Gerelateerd aan aanmeren

afmeren - meren - aanleggenvastleggen