Vertaling van benard

Inhoud:

Nederlands
Engels
benard, benepen, in verlegenheid {bn.}
in distress
benard, gênant, pijnlijk, penibel, van verlegenheid getuigend {bn.}
straitened
embarrassing 
awkward
hachelijk, benard, heikel, netelig, penibel, precair {bn.}
delicate
ticklish
touchy

Gerelateerd aan benard

benepen - in verlegenheid - gênant - pijnlijk - penibel - van verlegenheid getuigend - hachelijk - heikel - netelig - precairgevaarvol