Vertaling van gum

Inhoud:

Nederlands
Engels
gom, gum [m] (de/het ~), stuf [o] (het ~), vlakgom [o] (het ~) {zn.}
rubber
rubber eraser
pencil eraser
gummen, stuffen, uitvlakken, gommen {ww.}
to wipe out
to erase

ik gum

I erase
» meer vervoegingen van to erase



Gerelateerd aan gum

gom - stuf - vlakgom - gummen - stuffen - uitvlakken - gommengom - schrijfgerei - uitvegen