Vertaling van habitueel

Inhoud:

Nederlands
Engels
courant, gebruikelijk, habitueel, ordinair, standaard, gangbaar {bn.}
current
courant, gewoon, habitueel, standaard, gebruikelijk, alledaags, daags, dagelijks, gangbaar
usual

Gerelateerd aan habitueel

courant - gebruikelijk - ordinair - standaard - gangbaar - gewoon - alledaags - daags - dagelijks