Vertaling van happig

Inhoud:

Nederlands
Engels
begerig, belust, gretig, happig, verlekkerd {bn.}
greedy 
acquisitive
eager 
avid
begerig, belust, graag, gretig, happig, smachtend, bijtend, doordringend, fel, guur, schel, scherp, schril, snerpend {bn.}
lurid 
sharp 
acrid 
acrimonious
keen 
poignant
waspish
acute 
edacious
esurient
rapacious
ravening
ravenous
voracious
wolfish


Gerelateerd aan happig

begerig - belust - gretig - verlekkerd - graag - smachtend - bijtend - doordringend - fel - guur - schel - scherp - schril - snerpend