Vertaling van impuls

Inhoud:

Nederlands
Engels
impuls [m] (de ~) {zn.}
nervous impulse
impulse
nerve impulse
neural impulse
aandrift [v], drang [m], aandrang [m], opwelling [v], stuwing [v], impuls {zn.}
momentum
impetus
impulse 
yen
impuls [m] (de ~), injectie, push {zn.}
stimulation
input
stimulant
stimulus
impuls [m] (de ~), aandrift [m] (de ~), opwelling [v] (de ~) {zn.}
caprice
impulse
whim
stroomstoot [m] (de ~), impuls [m] (de ~), puls [m] (de ~) {zn.}
pulse
impulse
pulsation
pulsing

Gerelateerd aan impuls

aandrift - drang - aandrang - opwelling - stuwing - injectie - push - stroomstoot - pulsstroomstoot - aanzet - stimulans - neiging - stroming