Vertaling van kalendermaand

Inhoud:

Nederlands
Engels
kalendermaand, maand [m] (de ~) {zn.}
month
calendar month
We verhuizen volgende maand.
We're moving house next month.
Hij knipt zijn haar eens per maand.
He gets a haircut once a month.


Gerelateerd aan kalendermaand

maandtijdeenheid