Vertaling van luit

Inhoud:

Nederlands
Engels
luit [m] (de ~) {zn.}
lute
luien, luiden {ww.}
to ring
to knell

jij luit
hij/zij/het luit

you ring
he/she/it rings
» meer vervoegingen van to ring


Gerelateerd aan luit

luien - luidenverroeren