Vertaling van opruier

Inhoud:

Nederlands
Engels
onruststoker [m] (de ~), aanstoker [m] (de ~), aanzetter, agitator [m] (de ~), herrieschopper, onrustzaaier [m] (de ~), oproerkraaier [m] (de ~), opruier, paniekzaaier [m] (de ~), provocateur [m] (de ~), raddraaier [m] (de ~), roervink, stemmingmaker, stokebrand, stoker [m] (de ~), woelgeest {zn.}
troubler
troublemaker
mischief-maker
trouble maker
bad hat