Vertaling van spier

Inhoud:

Nederlands
Engels
spier [v] {zn.}
muscle 
spier [m] (de ~) {zn.}
musculus
muscle
spier {zn.}
branch
limb
arm
halm [m], spier, spriet, stengel [m] {zn.}
stalk 
stem 
blade
spier {zn.}
sinew
muscularity
muscle
heftiness
brawniness
brawn


Gerelateerd aan spier

halm - spriet - stengelorgaan - laadboom - stam