Vertaling van televisie

Inhoud:

Nederlands
Engels
televisie [v], TV {zn.}
TV
television 
Maria kijkt graag TV.
Mary likes watching TV.
De tv werkt niet.
The TV doesn't work.
televisie [v], televisietoestel {zn.}
television 
television set
TV set
We keken een baseball wedstrijd op televisie.
We watched a baseball game on television.
Televisie helpt ons onze kennis te verruimen.
Television helps us widen our knowledge.
televisie [v] (de ~) {zn.}
television
tv
tv set
telly
television set
television receiver
idiot box
goggle box
boob tube
Bekijk geen televisie!
Don't watch TV.
Doe de televisie uit alstublieft.
Please turn off the TV.
televisie [v] (de ~), buis [m] (de ~), kastje, kijkbuis, kijkdoos, kijkkast, t.v., teevee, teeveetoestel, televisie-ontvanger, televisieontvanger, televisietoestel [o] (het ~), treurbuis, tv, beeldbuis [m] (de ~) {zn.}
tv
television
tv set
telly
television set
television receiver
idiot box
goggle box
boob tube
Hij bracht ons TV-toestel naar de kelder.
He brought our TV set down to the cellar.
Tom kijkt geen tv.
Tom doesn't watch TV.
televisieprogramma [o] (het ~), televisie, televisie-uitzending [v] (de ~), televisieuitzending {zn.}
tv program
tv show
television show
television program
Welk is uw favoriete televisieprogramma?
What is your favorite TV program?

Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Engels

Bekijk geen televisie!

Don't watch TV.

Doe de televisie uit alstublieft.

Please turn off the TV.

We keken een baseball wedstrijd op televisie.

We watched a baseball game on television.

De meeste mensen kijken graag televisie.

Most people like watching TV.

Televisie helpt ons onze kennis te verruimen.

Television helps us widen our knowledge.

Kranten, televisie en radio heten massamedia.

Newspapers, television, and radio are called the mass media.

Zet de televisie niet luider alstublieft.

Please don't turn up the volume on the television.

Er is een televisie in deze kamer.

There is a television in this room.

Ik heb een tenniswedstrijd gekeken op televisie.

I watched a tennis match on TV.

Ik maak mijn huiswerk, nadat ik televisie heb gekeken.

I'll do my homework after I watch television.

Zet de televisie uit. Ik kan me niet concentreren.

Turn off the television. I can't concentrate.

Heb je verleden nacht naar de televisie gekeken?

Did you watch TV last night?

Het is tijd dat je stopt met televisie kijken.

It's time you stopped watching television.

Mijn moeder kijkt s'avonds zelden naar de televisie.

My mother seldom watches TV at night.

Speel buiten in plaats van televisie te kijken.

Play outside instead of watching TV.