Vertaling van van streek

Inhoud:

Nederlands
Engels
van streek {bn.}
upset 
niet lekker, ongesteld, onwel, van streek, ziekelijk {bn.}
not well
upset 
in zijn zak steken, opstrijken {ww.}
to pocket 

ik streek op
jij streek op
hij/zij/het streek op

I pocketed
you pocketed
he/she/it pocketed
» meer vervoegingen van to pocket

aanstrijken, kalken {ww.}
to plaster 

ik streek aan
jij streek aan
hij/zij/het streek aan

I plastered
you plastered
he/she/it plastered
» meer vervoegingen van to plaster

strijken, gladstrijken {ww.}
to iron 

ik streek
jij streek
hij/zij/het streek

I ironed
you ironed
he/she/it ironed
» meer vervoegingen van to iron

Op het labeltje aan mijn sjaal staat: "Binnenstebuiten wassen en strijken." Ik vraag me af hoe ik dat moet doen.
The label on my scarf it says, "Wash and iron inside out." I wonder how I'm supposed to do that.
laten zakken, neerlaten, strijken, vellen {ww.}
to drop 
to lower 

ik streek
jij streek
hij/zij/het streek

I dropped
you dropped
he/she/it dropped
» meer vervoegingen van to drop

laten zakken, neerhalen, strijken {ww.}
to lower 

ik streek
jij streek
hij/zij/het streek

I lowered
you lowered
he/she/it lowered
» meer vervoegingen van to lower

banen, effenen, gladmaken, gladstrijken, uitstrijken {ww.}
to smooth 
to flatten
to make smooth

ik streek glad
jij streek glad
hij/zij/het streek glad

I flattened
you flattened
he/she/it flattened
» meer vervoegingen van to flatten

aanstrijken, wrijven, uitwrijven {ww.}
to rub 

ik streek aan
jij streek aan
hij/zij/het streek aan

I rubbed
you rubbed
he/she/it rubbed
» meer vervoegingen van to rub

Zout in iemands wonden wrijven.
Rub salt in the wound.
strijken {ww.}
to strike 

ik streek
jij streek
hij/zij/het streek

I struck
you struck
he/she/it struck
» meer vervoegingen van to strike

platstrijken, pletten {ww.}
to flatten

ik streek plat
jij streek plat
hij/zij/het streek plat

I flattened
you flattened
he/she/it flattened
» meer vervoegingen van to flatten

dalen, landen, neerstrijken {ww.}
to land 
to alight
to beach 

ik streek neer
jij streek neer
hij/zij/het streek neer

I landed
you landed
he/she/it landed
» meer vervoegingen van to land