Vertaling van winkelen

Inhoud:

Nederlands
Engels
winkelen {ww.}
to window-shop
boodschappen doen, winkelen {ww.}
to shop 

wij winkelen
jullie winkelen
zij winkelen

we shop
you shop
they shop
» meer vervoegingen van to shop



Gerelateerd aan winkelen

boodschappen doenbezoeken