Vertaling van aanvatten

Inhoud:

Nederlands
Spaans
aanvatten, nemen, oprapen, pakken, vatten {ww.}
tomar
coger
asir

ik zal aanvatten
jij zult aanvatten
hij/zij/het zal aanvatten

yo tomaré
tú tomarás
él/ella tomará
» meer vervoegingen van tomar

Jullie moeten bus 5 nemen.
Tienes que coger el autobús número 5.
We wisten niet welke bus we moesten nemen.
No sabíamos qué autobús tomar.


Gerelateerd aan aanvatten

nemen - oprapen - pakken - vatten