Vertaling van mixen
Inhoud:
Nederlands
Spaans
mengen, mixen, temperen, vermengen, verwarren, wassen {ww.}
mezclar
wij mixen
jullie mixen
zij mixen
nosotros mezclamos
vosotros mezcláis
ellos/ellas mezclan
» meer vervoegingen van mezclar
mengeling , vermenging , mengsel, mengelmoes, mix (mv. mixen), melange {zn.}
mixtura
mezcla
mezcla