Vertaling van naast

Inhoud:

Nederlands
Spaans
aan, bij, dichtbij, naast, nabij {vz.}
cerca de
junto a
al lado de


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Spaans

Ken zette zich naast mij.

Ken se sentó junto a mí.

Naast een dokter, was hij ook een erg beroemde romanschrijver.

Además de ser un doctor, también fue un muy famoso novelista.

Een oude man zat naast mij in de bus.

Un anciano se sentó conmigo en el autobús.

Deze vent die naast me in de trein zit stinkt!

¡El sujeto sentado junto a mí en el tren apesta!


Gerelateerd aan naast

aan - bij - dichtbij - nabij