Vertaling van opzoeken
Inhoud:
Nederlands
Spaans
afgaan, bezoeken, opzoeken {ww.}
visitar
ik zal opzoeken
jij zult opzoeken
hij/zij/het zal opzoeken
yo visitaré
tú visitarás
él/ella visitará
» meer vervoegingen van visitar
Ik wil Korea bezoeken.
Quiero visitar Corea.
Haar droom is om Parijs te bezoeken.
Su sueño es visitar París.
snorren, zoeken, opzoeken, uitkijken, uitzien {ww.}
buscar
ik zal opzoeken
jij zult opzoeken
hij/zij/het zal opzoeken
yo buscaré
tú buscarás
él/ella buscará
» meer vervoegingen van buscar
Ik moet mijn pen zoeken.
Tengo que buscar mi bolígrafo.
Ik moet naar mijn pen zoeken.
Tengo que buscar mi bolígrafo.