Vertaling van tegen

Inhoud:

Nederlands
Spaans
jegens, met, tegen, tegenaan, tegenover, versus {vz.}
contra
frente a
aan, bij, naar, tegen, tot, voor, op {vz.}
a
hacia
opstappen, op weg gaan, tijgen, weggaan {ww.}
salir
arrancar
partir

wij tegen
jullie tegen
zij tegen

nosotros salimos
vosotros salisteis
ellos/ellas salieron
» meer vervoegingen van salir



Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Spaans

Hij loog tegen ons.

Él nos mintió.

Schreeuw niet tegen me.

No me grites.

Ze hebben tegen je gelogen.

Te mintieron.

Lincoln was tegen de slavernij.

Lincoln estaba en contra de la esclavitud.

Praat niet zo tegen hem.

No le hables de esa forma.

Judy is aardig tegen iedereen.

Judy es amable con todos.

Ze was heel aardig tegen iedereen.

Ella fue muy amable con todos.

Hij beloofde dat tegen niemand te zeggen.

Él prometió no decirle eso a nadie.

Hij drukte zijn oor tegen de muur.

Él puso su oído contra la pared.

Hij was erg vriendelijk tegen iedereen.

Él era muy amigable con todos.

Zeg alstublieft hallo tegen hem van mij.

Por favor, salúdale por mí.

Zijn jullie voor of tegen zijn idee?

¿Ustedes están a favor o en contra de su idea?

Ik kan niet tegen lawaaierige kinderen.

No puedo soportar a los niños ruidosos.

Ben je vóór of tegen het voorstel?

¿Estás a favor o en contra de la propuesta?

Ik kwam je broer tegen op straat.

Me topé con tu hermano en la calle.


Gerelateerd aan tegen

jegens - met - tegenaan - tegenover - versus - aan - bij - naar - tot - voor - op - opstappen - op weg gaan - tijgen - weggaan