Vertaling van verliezen

Inhoud:

Nederlands
Spaans
verliezen, absorberen, in beslag nemen, opslorpen {ww.}
absorber

wij verliezen
jullie verliezen
zij verliezen

nosotros absorbemos
vosotros absorbéis
ellos/ellas absorben
» meer vervoegingen van absorber

kwijtraken, opgeven, verbeuren, verliezen, verspelen {ww.}
perder

wij verliezen
jullie verliezen
zij verliezen

nosotros perdemos
vosotros perdéis
ellos/ellas pierden
» meer vervoegingen van perder

Je kan niet verliezen.
No puedes perder.
Ik heb niets te verliezen.
No tengo nada que perder.
vermissing [v], schadepost, verlies (mv. verliezen) {zn.}
perdida [v] (la ~)


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Spaans

Probeer gewicht te verliezen door te joggen.

Trata de perder peso trotando.

Ik wil niet het risico lopen het te verliezen.

No quiero correr el riesgo de perderlo.

"En trouwens," haastte Dima zich toe te voegen, terwijl hij zijn rekenmachientje tevoorschijn haalde en 0,99 deelde door 3.000.000, alvorens het te vermenigvuldigen met 100, "u realiseert zich toch wel dat u maar 0,0033% zou verliezen, hè?"

- Además, -Dima se aseguró de añadir, sacando su calculadora y dividiendo 0,99 entre 3.000.000 antes de multiplicar por 100- Usted se da cuenta de que sólo perdería el 0,0033%, ¿verdad?