Vertaling van beleggen

Inhoud:

Nederlands
Frans
beleggen, uitzetten {ww.}
placer d'argent
beleggen, inhuldigen, investeren {ww.}
placer d'argent
investir 
beleggen, houden, teweegbrengen, uitschrijven {ww.}
procurer 
situer 
causer 

wij beleggen
jullie beleggen
zij beleggen

nous procurons
vous procurez
ils/elles procurent
» meer vervoegingen van procurer

beleggen, dekken, bedekken, toedekken {ww.}
recouvrir 
couvrir 

wij beleggen
jullie beleggen
zij beleggen

nous recouvrons
vous recouvrez
ils/elles recouvrent
» meer vervoegingen van recouvrir



Gerelateerd aan beleggen

uitzetten - inhuldigen - investeren - houden - teweegbrengen - uitschrijven - dekken - bedekken - toedekken