Vertaling van boenen

Inhoud:

Nederlands
Frans
boenen, poetsen, polijsten, schuren, wrijven, zoeten {ww.}
polir 

wij boenen
jullie boenen
zij boenen

nous polissons
vous polissez
ils/elles polissent
» meer vervoegingen van polir

boenen, uitschuren {ww.}
récurer 

wij boenen
jullie boenen
zij boenen

nous récurons
vous récurez
ils/elles récurent
» meer vervoegingen van récurer



Gerelateerd aan boenen

poetsen - polijsten - schuren - wrijven - zoeten - uitschuren