Vertaling van vat

Inhoud:

Nederlands
Frans
vat [o] {zn.}
vaisseau  [m] (le ~)
sanguin [m] (le ~)
fust [o], ton [v], vat [o] {zn.}
tonneau  [m] (le ~)
fût  [m] (le ~)
pot, pul, vaas, vat [o] {zn.}
vase  [m] (le ~)
pot  [m] (le ~)
Hou de vaas met beide handen vast.
Tiens le vase avec les deux mains.
Doe wat water in de vaas.
Mets un peu d'eau dans le vase.
doos [v], bak [m], etui [o], foedraal [o], koker [m], korf [m], pot [m], zak, vat [o], kist [v], fles [v], krat [o], emmer, kruik, urn {zn.}
baquet [m] (le ~)
bac  [m] (le ~)
aanvatten, nemen, oprapen, pakken, vatten {ww.}
prendre 

ik vat
jij vat
hij/zij/het vat

je prends
tu prends
il/elle prend
» meer vervoegingen van prendre

Ik zal deze paraplu nemen.
Je vais prendre ce parapluie.
Jullie moeten bus 5 nemen.
Vous devez prendre le bus numéro 5.
begrijpen, beseffen, bevatten, snappen, vatten, verstaan {ww.}
comprendre 

ik vat
jij vat
hij/zij/het vat

je comprends
tu comprends
il/elle comprend
» meer vervoegingen van comprendre

Niemand kan hem begrijpen.
Personne ne peut le comprendre.
Niemand kan het verstaan.
Personne ne peut le comprendre.
beetkrijgen, beetnemen, pakken, vangen, vastpakken, vatten {ww.}
capturer 
saisir 
attraper 

ik vat
jij vat
hij/zij/het vat

je capture
tu captures
il/elle capture
» meer vervoegingen van capturer



Gerelateerd aan vat

fust - ton - pot - pul - vaas - doos - bak - etui - foedraal - koker - korf - zak - kist - fles - krat