Vertaling van vatten

Inhoud:

Nederlands
Frans
aanvatten, nemen, oprapen, pakken, vatten {ww.}
prendre 

wij vatten
jullie vatten
zij vatten

nous prenons
vous prenez
ils/elles prennent
» meer vervoegingen van prendre

Ik zal deze paraplu nemen.
Je vais prendre ce parapluie.
Jullie moeten bus 5 nemen.
Vous devez prendre le bus numéro 5.
begrijpen, beseffen, bevatten, snappen, vatten, verstaan {ww.}
comprendre 

wij vatten
jullie vatten
zij vatten

nous comprenons
vous comprenez
ils/elles comprennent
» meer vervoegingen van comprendre

Niemand kan hem begrijpen.
Personne ne peut le comprendre.
Niemand kan het verstaan.
Personne ne peut le comprendre.
beetkrijgen, beetnemen, pakken, vangen, vastpakken, vatten {ww.}
capturer 
saisir 
attraper 

wij vatten
jullie vatten
zij vatten

nous capturons
vous capturez
ils/elles capturent
» meer vervoegingen van capturer