Vertaling van verschillen

Inhoud:

Nederlands
Frans
verschillen {ww.}
différer 

wij verschillen
jullie verschillen
zij verschillen

nous différons
vous différez
ils/elles diffèrent
» meer vervoegingen van différer

verschillen {ww.}
différer 

wij verschillen
jullie verschillen
zij verschillen

nous différons
vous différez
ils/elles diffèrent
» meer vervoegingen van différer

verschillen {ww.}
différer 

wij verschillen
jullie verschillen
zij verschillen

nous différons
vous différez
ils/elles diffèrent
» meer vervoegingen van différer

schelen, uiteenlopen, verschillen {ww.}
être différent
différer 

wij verschillen
jullie verschillen
zij verschillen

nous différons
vous différez
ils/elles diffèrent
» meer vervoegingen van différer

onderscheid [v], verschil (mv. verschillen) {zn.}
différence  [v] (la ~)
Het maakt al het verschil.
Cela fait toute la différence.
Ken jij het verschil tussen een microscoop en een telescoop?
Connaissez-vous la différence entre un microscope et un télescope ?


Gerelateerd aan verschillen

schelen - uiteenlopen - onderscheid - verschil