Vertaling van vrouw

Inhoud:

Nederlands
Frans
vrouw [v], wijfje [o], moer {zn.}
femelle  [v] (la ~)
vrouw [v], vrouwspersoon, vrouwmens {zn.}
femme  [v] (la ~)
Wie is deze vrouw?
Qui est cette femme ?
Tom bedriegt zijn vrouw.
Tom trompe sa femme.
vrouw {zn.}
dame  [v] (la ~)
Hij zei de vrouw hallo.
Il salua la dame.
De oude vrouw verleend geld voor een rentetarief van drie procent.
La vieille dame prête de l'argent à un taux d'intérêt de trois pour cent.
echtgenote [v], gemalin [v], vrouw [v] {zn.}
femme  [v] (la ~)
épouse  [v] (la ~)
Ik hou van mijn vrouw.
J'aime mon épouse.
Hier is mijn vrouw, Minna.
Voici ma femme, Minna.


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Frans

Hier is mijn vrouw, Minna.

Voici ma femme, Minna.

De mooie vrouw is vriendelijk.

La belle femme est gentille.

Ik hou van mijn vrouw.

J'aime mon épouse.

Mijn vrouw is een vegetariër.

Ma femme est végétarienne.

Zijn vrouw komt uit Californië.

Sa femme est originaire de Californie.

Mijn vrouw kan slecht autorijden.

Mon épouse est mauvaise conductrice.

Zijn dochter is een mooie vrouw geworden.

Sa fille est devenue une belle femme.

Rosa Montero is een heel bijzondere vrouw.

Rosa Montero est une femme extraordinaire.

Zij is de vrouw van Alain.

Elle est l'épouse d'Alain.

Liefde voor een jonge vrouw is een gedicht. Liefde voor een rijpe vrouw is filosofie.

L'amour d'une jeune fille est un poème. L'amour d'une femme mûre est de la philosophie.

Dit is mijn vrouw

Voici ma femme

Een slechte vrouw maakt een scheepswrak van haar man.

Une mauvaise épouse fait le naufrage du foyer.

Mijn vrouw zal ook blij zijn u te zien.

Ma femme sera heureuse de te voir, également.

Hij hecht altijd waarde aan de mening van zijn vrouw.

Il donne toujours une grande valeur à l'opinion de sa femme.

Hij heeft geluk zo'n goede vrouw te hebben.

Il a de la chance d'avoir une si bonne épouse.


Gerelateerd aan vrouw

wijfje - moer - vrouwspersoon - vrouwmens - echtgenote - gemalin