Vertaling van probleem
Voorbeelden in zinsverband
Is er een probleem?
C'è un problema?
Wie kent dit probleem niet!
Chi non conosce questo problema?!
Dan hebben we een probleem...
Allora c'è un problema...
Het probleem heeft zichzelf opgelost.
La questione si è risolta da sola.
Niemand heeft het probleem opgelost.
Nessuno ha risolto il problema.
Tom heeft een groot probleem.
Tom ha un grande problema.
Laten we het probleem met hen overleggen.
Discutiamo il problema con loro.
Laten we dat probleem later bespreken.
Discutiamo di quel problema più tardi.
Het probleem is nog niet opgelost.
Il problema non è ancora stato sistemato.
De Italiaanse Maffia is een onderschat probleem in Duitsland.
In Germania la mafia italiana è un problema sottovalutato.
Het probleem is dat ik geen geld bij me heb.
Il problema è che non ho soldi con me.