Vertaling van vinden
Inhoud:
Nederlands
Italiaans
vinden, bevinden, treffen, aantreffen {ww.}
trovare
wij vinden
jullie vinden
zij vinden
noi troviamo
voi/Voi trovate
loro/Loro trovano
» meer vervoegingen van trovare
Ik kan Tim niet vinden.
Io non riesco a trovare Tim.
Men kan altijd wel tijd vinden.
Si può sempre trovare del tempo.
Voorbeelden in zinsverband
Nederlands
Italiaans
Kan je het vinden?
Puoi trovarlo?
Ik kan mijn horloge niet vinden.
Non posso trovare il mio orologio.
Ik kan mijn handschoenen niet vinden.
Non riesco a trovare i miei guanti.
We vinden het moeilijk om te beslissen welke te kopen.
Noi troviamo difficile decidere quale comprare.
Ik kan Tom niet vinden. Is hij al weg?
Non riesco a trovare Tom. È già andato via?