Vertaling van afgewogen

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
doseren, afwegen {ww.}
doseren
afwegen {ww.}

ik heb afgewogen
ik had afgewogen
ik zal afgewogen hebben

ik heb gedoseerd
ik had gedoseerd
ik zal gedoseerd hebben
» meer vervoegingen van doseren

beschouwen, overwegen, afwegen, nagaan {ww.}
beschouwen
overwegen
afwegen
nagaan {ww.}

ik heb afgewogen
ik had afgewogen
ik zal afgewogen hebben

ik heb beschouwd
ik had beschouwd
ik zal beschouwd hebben
» meer vervoegingen van beschouwen

We overwegen nieuwe meubels te kopen.
We overwegen nieuwe meubels te kopen.
Mochten deze mail en uw betaling elkaar gekruist hebben, dan verzoeken wij u deze herinnering als niet verzonden te beschouwen.
Mochten deze mail en uw betaling elkaar gekruist hebben, dan verzoeken wij u deze herinnering als niet verzonden te beschouwen.
wegen, afwegen, het gewicht bepalen {ww.}
wegen
afwegen
het gewicht bepalen {ww.}

ik heb afgewogen
ik had afgewogen
ik zal afgewogen hebben

ik heb gewogen
ik had gewogen
ik zal gewogen hebben
» meer vervoegingen van wegen

Alle wegen leiden naar Rome.
Alle wegen leiden naar Rome.
Op de maan zou ik maar vijftien kilo wegen.
Op de maan zou ik maar vijftien kilo wegen.
doordacht, afgewogen, beredeneerd, rationeel, weldoordacht, weloverwogen, zinnig, tactisch, strategisch, bezonken {bn.}
doordacht
afgewogen
beredeneerd
rationeel
weldoordacht
weloverwogen
zinnig
tactisch
strategisch
bezonken {bn.}
wegen, afwegen {ww.}
wegen
afwegen {ww.}

ik heb afgewogen
ik had afgewogen
ik zal afgewogen hebben

ik heb gewogen
ik had gewogen
ik zal gewogen hebben
» meer vervoegingen van wegen

Er zijn vele wegen die naar Rome leiden.
Er zijn vele wegen die naar Rome leiden.
De dikke lijnen op de kaart zijn wegen.
De dikke lijnen op de kaart zijn wegen.
afwegen {ww.}
afwegen {ww.}

ik heb afgewogen
ik had afgewogen
ik zal afgewogen hebben

ik heb afgewogen
ik had afgewogen
ik zal afgewogen hebben
» meer vervoegingen van afwegen