Vertaling van avond

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
avond [m] {zn.}
avond [m] {zn.}
Ik ben elke avond thuis.
Ik ben elke avond thuis.
Kom je hier elke avond?
Kom je hier elke avond?
avond, soiree [v] (de ~), avondpartij, avondje {zn.}
avond
soiree [v] (de ~)
avondpartij
avondje {zn.}
Hij kwam laat in de avond thuis.
Hij kwam laat in de avond thuis.
Het is verschrikkelijk koud deze avond.
Het is verschrikkelijk koud deze avond.
avond [m] (de ~), avondstond {zn.}
avond [m] (de ~)
avondstond {zn.}
En als we deze avond eens buiten gingen eten?
En als we deze avond eens buiten gingen eten?


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Nederlands

Ik ben elke avond thuis.

Ik ben elke avond thuis.

Kom je hier elke avond?

Kom je hier elke avond?

Hij kwam laat in de avond thuis.

Hij kwam laat in de avond thuis.

Het is verschrikkelijk koud deze avond.

Het is verschrikkelijk koud deze avond.

En als we deze avond eens buiten gingen eten?

En als we deze avond eens buiten gingen eten?

Ik heb haar laat in de avond ontmoet.

Ik heb haar laat in de avond ontmoet.

Iedere avond zong een nachtegaal liedjes voor ons.

Iedere avond zong een nachtegaal liedjes voor ons.

Die avond was ze naar het concert geweest.

Die avond was ze naar het concert geweest.

Ik wou dat ze hier deze avond kwam.

Ik wou dat ze hier deze avond kwam.

Je weet niet wat de avond brengt

Je weet niet wat de avond brengt

Het was een waar genoegen de avond met een slim, grappig en mooi meisje als jou door te brengen.

Het was een waar genoegen de avond met een slim, grappig en mooi meisje als jou door te brengen.


Gerelateerd aan avond

soiree - avondpartij - avondje - avondstondbijeenzijn - dagdeel