Vertaling van benevelen

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
benevelen {ww.}
benevelen {ww.}

ik benevel
jij benevelt
hij/zij/het benevelt

ik benevel
jij benevelt
hij/zij/het benevelt
» meer vervoegingen van benevelen

verdoezelen, benevelen {ww.}
verdoezelen
benevelen {ww.}

ik benevel
jij benevelt
hij/zij/het benevelt

ik verdoezel
jij verdoezelt
hij/zij/het verdoezelt
» meer vervoegingen van verdoezelen

Hij vertelt een nieuwe leugen om de voorafgaande te verdoezelen.
Hij vertelt een nieuwe leugen om de voorafgaande te verdoezelen.
benevelen, bedwelmen {ww.}
benevelen
bedwelmen {ww.}

ik bedwelm
jij bedwelmt
hij/zij/het bedwelmt

ik benevel
jij benevelt
hij/zij/het benevelt
» meer vervoegingen van benevelen

verbergen, verdoezelen, maskeren, wegstoppen, versluieren, verhullen, verhelen, verbloemen, camoufleren, benevelen {ww.}
verbergen
verdoezelen
maskeren
wegstoppen
versluieren
verhullen
verhelen
verbloemen
camoufleren
benevelen {ww.}

ik benevel
jij benevelt
hij/zij/het benevelt

ik verberg
jij verbergt
hij/zij/het verbergt
» meer vervoegingen van verbergen

Ze probeerde haar angst tevergeefs te verbergen.
Ze probeerde haar angst tevergeefs te verbergen.
Waarom zou wie dan ook zoiets verbergen binnenin deze grot?
Waarom zou wie dan ook zoiets verbergen binnenin deze grot?