Vertaling van druilen

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
dutten, sluimeren, druilen {ww.}
dutten
sluimeren
druilen {ww.}

ik druil
jij druilt
hij/zij/het druilt

ik dut
jij dut
hij/zij/het dut
» meer vervoegingen van dutten

Ik ben aan het dutten.
Ik ben aan het dutten.
motten, miezeren, druilen, miezelen, motregenen {ww.}
motten
miezeren
druilen
miezelen
motregenen {ww.}

ik druil
jij druilt
hij/zij/het druilt

ik mot
jij mot
hij/zij/het mot
» meer vervoegingen van motten



Gerelateerd aan druilen

dutten - sluimeren - motten - miezeren - miezelen - motregenenregenen