Vertaling van gangbaar

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
gangbaar, geijkt, geroutineerd, routine- {bn.}
gangbaar
geijkt
geroutineerd
routine- {bn.}
gangbaar, verhandelbaar, verkoopbaar, vervreemdbaar {bn.}
gangbaar
verhandelbaar
verkoopbaar
vervreemdbaar {bn.}
gangbaar, geldend, geldig, vigerend {bn.}
gangbaar
geldend
geldig
vigerend {bn.}
aanvaard, erkend, gangbaar, geaccepteerd {bn.}
aanvaard
erkend
gangbaar
geaccepteerd {bn.}
algemeen geaccepteerd, gangbaar {bn.}
algemeen geaccepteerd
gangbaar {bn.}