Vertaling van itereren
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
herhalen, overdoen, itereren {ww.}
herhalen
overdoen
itereren {ww.}
overdoen
itereren {ww.}
ik herhaal
jij herhaalt
hij/zij/het herhaalt
ik herhaal
jij herhaalt
hij/zij/het herhaalt
» meer vervoegingen van herhalen
Kunt u dat herhalen?
Kunt u dat herhalen?
Kunt ge dat herhalen?
Kunt ge dat herhalen?