Vertaling van machine

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
machine [v] {zn.}
machine [v] {zn.}
Deze machine produceert elektriciteit.
Deze machine produceert elektriciteit.
Wat een geweldige machine!
Wat een geweldige machine!
machine [v] (de ~) {zn.}
machine [v] (de ~) {zn.}
Is die machine nog bruikbaar?
Is die machine nog bruikbaar?
De machine is buiten bedrijf.
De machine is buiten bedrijf.
motor [m] (de ~), machine [v] (de ~), motorfiets [m] (de ~), motorrijwiel {zn.}
motor [m] (de ~)
machine [v] (de ~)
motorfiets [m] (de ~)
motorrijwiel {zn.}
Felipe heeft twee auto's en een motorfiets.
Felipe heeft twee auto's en een motorfiets.
Hij heeft niet alleen een motorfiets, maar ook een auto.
Hij heeft niet alleen een motorfiets, maar ook een auto.


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Nederlands

Deze machine produceert elektriciteit.

Deze machine produceert elektriciteit.

Wat een geweldige machine!

Wat een geweldige machine!

Is die machine nog bruikbaar?

Is die machine nog bruikbaar?

De machine is buiten bedrijf.

De machine is buiten bedrijf.

Een computer is een ingewikkelde machine.

Een computer is een ingewikkelde machine.

Het menselijk lichaam is een soort machine.

Het menselijk lichaam is een soort machine.

Zo heeft hij de machine uitgevonden.

Zo heeft hij de machine uitgevonden.

Een god uit een machine

Een god uit een machine

Ik kan me niet meer herinneren hoe ik deze machine moet gebruiken.

Ik kan me niet meer herinneren hoe ik deze machine moet gebruiken.


Gerelateerd aan machine

motor - motorfiets - motorrijwieltoestel - motorrijtuig - geleider